Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

doozen — enne de weegschaal — de gewichten — 't geklop van de hersentjes — 't dikke buikie — de luren — enne nog is de borst en 't gezuig... Suffig bleef ze kijken naar de lekstreep op 't vrouwshemd en tranen riggelden van 'r wang op de bank.

De muziek bij Engel, tettrend opnieuw schrikte 'r op, sloeg 'r met angst.

Bij tijden kromp ze bij luider lawaai, dreunde 't helsch in 'r hoofd, asof ze in 'n grot stond, krakende geluiden echooden.

'n Klit meiden en jongens trapte voorbij, vlak langs het huis — vanzelf schuwden 'r oogen naar de deur van de zijkamer, die an stond, niet in het slot was geglipt. Naar den knop bleef ze staren, staren met angstig gekrop in de keel, aanhuivrende kou over den rug. Het was 'n zwart-gelakte ijzeren knop met 'n tinachtige glansplek van handengewrijf, glansplek vetachtig glimmend. Dat greep 'r, dwong 'r, hield 'r aandacht vreemdelijk vast, terwijl ze dacht an de oogen, de open oogen, de lichtblauwe oogen onder 't wit van de muts.

Plots woest het hoofd in de kom van 'r handen slaand, de nagels vlijmend in 't vel, poogde ze zich

Sluiten