Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hobbe.

Valsche profetes!

Eerste meisje,

aan Hobbe's voeten, smeekend:

O Hobbe, Hobbe red mijn Alma!

Mara.

Maar als wij sterven moeten,

Dan zal het staande zijn en strijdende!

Het volk schreeuwt.

Zwijg volk; niet heb-je 't recht te spreken Zoolang mijn geest nog leeft.

Maar ik en Radboud, wij beiden aan uw hoofd, Wij zullen den vijand jagen van onder uwe wallen. Daarna, naar welgevallen, doe met ons!

O Dood, jou heb ik nog niet geleerd te vreezen. Kom en je zult me vinden, sombre gast, Een edelmoedige gastvrouw. En stervend Zal ik je nog geven, mijn laatste kracht.

Met hevig geschreeuw komt een groote bende volks binnen, In hun midden Lucas en Alma, ellendig. Het eerste meisje blijft neder op de knieën en bidt.

Het Volk.

Lucas is gek!... Bevrijd! Bevrijd!

Ze dringen dreigend op Radboud en Mara aan.

Lucas.

Atlantis! Atlantis! Atlantis!

Geweldige stormvlagen.

Sluiten