is toegevoegd aan uw favorieten.

Didactische ketterijen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelf eeus is geworden, wat hij wenscht te weten. In het woord denkprikkel ligt een goed stuk didactica. Een van de belangrijkste resultaten van ons onderwijs dient te zijn, dat de leerling bij alles wat hem wordt voorgelegd, een zucht tot geestelijken arbeid in zich voelt opkomen, üp dezen trap van geestelijke ontwikkeling staat de leerling hooger dan wanneer uitsluitend een vraag van den onderwijzer hem tot nadenken spoort.

De reactie van de ziel op een directen denkprikkel heeft den vorm van een vraag. In deze vraag, door den leerling zelf gevormd, is de van het object uitgaande denkprikkel verwerkt neergelegd. Meermalen is de vraag voor de jeugdige ziel een doorgangsstadium in het geestelijk proces, waarvan het begin het voelen van den denkprikkel en het einde het antwoord op de vraag is.

Zoo komt in hooger ontwikkeling en in veredelden vorm het vragen van het 3 a 4 jarig kind terug, waarmee de ontwakende geest in heerlijke zelfstandigheid op de wereld der dingen, die tot zijn bewustzijn komen , pleegt te reageeren.

De vraag van den leerling richt zich tot den onderwijzer, tot de medescholieren, tot den vrager zelf. Is het beslist noodig, dan antwoordt de eerste; mogelijk gelukt het hem, de leerlingen, wellicht den vrager, het antwoord te laten vinden.

Eigen denkbeelden.

Een eeuwige bron van ergenis voor onderwijzers, voor leerlingen, zelfs voor ouders, is het opstel; waarschijnlijk, omdat het met een zekere voorliefde als criterium bij de beoordeeling van leerlingen en school wordt toegepast. Naar het mij voorkomt, is de tijd nog geenszins gekomen, dat het als maatstaf kan en mag gelden. Eerst indien de geest van het kind bij het maken van een opstel werkzaam kan zijn naar dezelfde vormen als bij het onderwijs getracht wordt, wil het mij gemotiveerd voorkomen, opstellen als proeven van zekerheid en vaardigheid in het denken te beschouwen. Dat is echter in