is toegevoegd aan uw favorieten.

Didactische ketterijen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een moeilijke taak voorwaar — dit opleiden tot genietend lezen, vooral ook omdat de didactiek er nog zoo weinig naar heeft omgezien. En toch: waartoe dienen al die prachtige verklaringen, wanneer het aesthetisch voelen en genieten er door achterwege blijft? "Welk nut heeft het, wanneer de leerling na doorlezing van een gedicht volgens een vast recept de poëtische schoonheden kan aan wij zen en in vaste rubrieken indeelen! Deze schoonheden moeten in samenhang met de poëzie als uitdrukking van een bepaald sentiment worden gevoeld. Bijzonder van belang is wel een stelselmatige ontwikkeling van de fantasie; zonder de werking der verbeeldingskracht, die de figuren, de bewegingen, de landschappen, enz. doet zien, blijft het lezen star en koud. Yan niet minder gewicht is het, de jonge lezers zoo te vormen, dat in hunne zieltjes juist dezelfde stemmingen en gevoelens ontstaan, die de dichter wil opwekken.

Yóór zijn intreden in de school gevoelt het kind natuurlijk en levendig wat men het voorleest of vertelt. Met dit kostbaar kapitaal kan de school haar voordeel doen

Hebben de leerlingen aldus leeren genieten bij de lectuur, dan is hun daarmee de levendigste aandrift tot eigen vorming en eigen ontwikkeling, na de afgeloopen schooljaren, meegegeven.

Het leven voedt op.

Dit hoofdmotief uit Pestalozzï's zwanenzang wijst op een ander uitgebreid veld, waarop het innerlijk streven tot verdere vorming onzer leerlingen na de schooljaren arbeid kan vinden.

Het leven en de boeken — liic Rhodus, hic salta!

Het leven te bestudeeren als een boek, en het boek mcc tc doorleven als het leven zelf, — dat is het ware.

Reeds vóór de schooljaren heeft het leven, de geheele omgeving in de meest uitgebieide beteekenis, vormend op het kind ingewerkt, was hut met zijn gril-