Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zweven, waarin de afzonderlijke functie's samenwerken tot een gelukkig geheel. Dit ideaal te vinden en daarmee inderdaad vasttestellen, wat onder een meisjesopvoeding moet worden verstaan, is een van onze eerste plichten.

Het ligt niet in mijn plan, hier een ideaal van vrouwelijke opvoeding uit te beelden, maar wel wensch ik de tweeërlei strekking, waaraan moet worden vastgehouden, aan te geven.

Ten eerste moeten voornamelijk die vermogens zorgvuldig en krachtig worden ontwikkeld, waarin de kern van vrouwelijke begaafdheid ligt. Hierbij kan gevoeglijk buiten bespreking blijven, of de huidige ligging van het zwaartepunt der vrouwelijke geestvermogens met de innerlijke natuur van het vrouwelijk geslacht in overeenstemming is, een vraag, die overigens niet wel op te lossen is. Ik houd rekening met tegenwoordige toestanden als met gegeven grootheden.

In de tweede plaats moet door een voldoende ontwikkeling der vermogens, die minder eigenaardig-vrouwelijk zijn, de eenzijdigheid van haar geestesleven worden voorkomen.

Het ideaal, dat mij voor den geest zweeft, heeft dus niet het voorrecht, een product der zoogenaamde harmonische ontwikkeling te zijn. Menig lezer of le/.eres, wie bij het woord harmonisch een gevoel van verrukking doortrilt, zal mij mogelijk om mijn standpunt beklagen. Zoolang men mij evenwel niet overtuigen kan van het meerdere nut dezer harmonische vorming boven het plan, door mij voorgestaan, zal ik een bijzonder krachtige ontwikkeling der „onvrouwelijke" en een minder krachtige ontwikkeling der eigenaardig-vrouwelijke geestvermogens nimmer kunnen aanbevelen.

Evenmin wil ik bij de opvoeding van jongens een tegengesteld systeem aanraden. De gedachte aan een androgyne en gynandrische (tweeslachtige) vorming is mij een gruwel. Maakt men de opvoeding gelijkvormig, dan mist men eenerzijds de medewerking van uitstekende talenten, terwijl men anderzijds een

Sluiten