is toegevoegd aan uw favorieten.

Inleiding tot de wijsbegeerte

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Müller, juristen als Stahl, Savigny en Jhering. Wel is om redenen van praktischen aard de wijsbegeerte gevoegd bij de faculteit der letterkunde; maar het is duidelijk, dat zij daar evenmin thuis behoort als de geschiedenis en de aardrijkskunde. Want zij neemt eeri zelfstandige en eigenaardige plaats in, die in verband staat met alle verschillende faculteiten en wetenschappen: er bestaat zoowel een wijsbegeerte van het recht als eene van den godsdienst, eene van de geschiedenis zoowel als eene van de kunst.

Vragen wij ons dan af, waarin wel het specifieke bestaat van het philosophisch denken, dan komt het mij voor dat dit voornamelijk hierin is gelegen, dat de wijsgeer steeds vorscht naar den samenhang in het geheel der verschijnselen, en in verband daarmede de gave bezit van abstractie, zich wetende te abstraheeren van de enkele en speciale gevallen, het essentieele af te zonderen van het toevallige, en op te klimmen tot de algemeene kenmerken die het wezen der verschijnselen uitmaken. De gemeenzame karaktertrekken zoekt hij op te sporen, den samenhang en het verband van het schijnbaar uiteenliggende te doorgronden. Tn dat opzicht vormt hij een scherpe tegenstelling van den specialen vakgeleerde, die zich veelal, naar Nietzsche opmerkt, kenmerkt door „Scharfsichtigkeit in der Nahe, verbunden mit grosser Myopie für die Ferne und das Allgemeine". Want de wijsgeer blijft niet staan bij de bloote kennis der feiten, maar beschouwt deze slechts als het noodwendig materiaal om op te