is toegevoegd aan uw favorieten.

Inleiding tot de wijsbegeerte

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarloozend, getracht had de dingen te construeeren met behulp van vooropgestelde begrippen en de vraagstukken quasi op te lossen met allerlei nietszeggende woorden. Volgens de empiristen komen wij tot de kennis der dingen niet ten gevolge van een abstract denken met begrippen, maar op grond van waarneming en ervaring in den ruimsten zin des woords: door zuiver begripmatig denken alléén kunnen wij nimmer geraken tot een vermeerdering onzer kennis. Alleen in de mathesis komen wij, uitgaande van zekere axioma's, langs zuiver deductieven weg, uitsluitend met behulp van het denken, tot absoluut noodwendige besluiten; en de mathematische waarheden, eenmaal gevonden, zijn verder onomstootelijk, en zouden slechts dan een wijziging kunnen ondergaan, wanneer de denkwetten zelve van onzen geest veranderden. Hier toch hebben wij te doen met denknoodwendige, in de rede gegrondveste waarheden, die niet afhankelijk zijn van een bevestiging door de ervaring (relations ofideas; Leibniz' „vérités de raison") Daardoor is de mathematische kennis wèl de volkomenste, maar zij draagt een bizonder, strikt analytisch karakter 1), dat op geen ander gebied van kennis toepasselijk is.

') Volgens Kant daarentegen, in tegenstelling van Hume, zijn de mathematische besluiten ook synthetisch van karakter, en bestaan er riet alleen analytische, maar ook synthetische oordeelen a priori, d. w. z. algemeengeldige waarheden, die niet uitsluitend door begripsanalyse zijn verkregen en zonder welke geen strikte wetenschap, ook geen natuurwetenschap, mogelijk ware.