is toegevoegd aan uw favorieten.

Inleiding tot de wijsbegeerte

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zeer zeker dient de waarneming van anderen aangevuld door die van ons eigen zieleleven, aangezien die laatste onmisbaar is voor het recht verstand deibij anderen waargenomen verschijnselen, die ons anders ten eenenmale onverstaanbaar zouden blijven. Noodwendig gaan wij hierbij uit van de veronderstelling, dat in de medemenschen die wij waarnemen, zicli soortgelijke processen afspelen als bij onszelven; m. a. w. wij projecteeren onze eigen zielstoestanden in het zieleleven van anderen. Dit bewijst evenwel geenszins, dat wij de psychologie als wetenschap zouden kunnen opbouwen uitsluitend op zelfwaarneming. Anders toch zouden de kostbare gegevens, die ons verstrekt worden door de waarneming van kinderen, dieren, zenuwzieken enz. geheel voor ons verloren gaan. Men kan niet beweren, zegt de zoo onbevooroordeelde Villa,') dat de methode der zelfwaarneming grooten vooruitgang in de psychologie tot stand heeft gebracht; want bij een afweging der uitkomsten, waartoe men in den jongsten tijd bij uitsluitende aanwending dier methode gekomen is, vindt men dat bijna niets nieuws werd toegevoegd aan datgene, wat reeds ten tijde van Wolff in de psychologie bekend was.

Gelukkig dan ook staan ons nevens die directe methode van onderzoek ook indirecte ten dienste. Tot de objecten, waarop deze worden toegepast, be-

') Villa. Einleitung in die Psychologie der Gegenwart; vertaling van Pflaum, pag. 160.