is toegevoegd aan uw favorieten.

Inleiding tot de wijsbegeerte

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat den ongunstigen klank, welke aan dat woord „materialisme" verbonden is, wil vermijden en daarvoor een meer wijsgeerig klinkend in de plaats stelt.

Dit kan niet gezegd worden van het monisme, zooals wij het vinden in de leer van Spinoza, volgens welke het physische en het psychische twee zijden zijn van één en dezelfde oneindige substantie, die zich daarin voordoet onder twee verschillende gestalten. Deze leer herhaalt zich in modern gewaad in de zoogenaamde identiteits-hypothese van Fechner e. a., welke eveneens het geestelijke en het lichamelijke beschouwt als twee empirische uitingen van één en hetzelfde wezen, als twee beschouwingswijzen eener zelfde zaak, vergelijkbaar b.v. bij de concave en de convexe zijde van een bol of cirkel. „Hetzelfde verschijnsel," zegt Forel, „dat zich subjectief aan ons voordoet als gewaarwording of voorstelling, is steeds, objectief beschouwd, een moleculairbeweging van een complex van hersenelementen."

Een aanverwante leer vinden wij in het psychoph y-

sisch parallelisme van Wundt e. a. v olgens die leer kunnen het stoffelijke en het geestelijke niet in eenige

causale betrekking tot elkander staan, noch in elkander overgaan, maar loopen zij met elkander evenwijdig als twee zelfstandige reeksen van verschijnselen, die zich in werkelijkheid oplossen in een hoogere eenheid, daar zij in wezen één zijn en alleen in onze voor-

') „Ordo ac connexio rerum idem est ac ordo et connexio idearum.*