is toegevoegd aan uw favorieten.

Inleiding tot de wijsbegeerte

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan de uitkomsten der natuurwetenschappen en voeling hield met de ethnologie, sociologie, geschiedenis enz. De speculatieve methode werd hier geheel verlaten, om plaats te maken voor een genetisch-sociologische behandelingswijze.

Al deze vraagpunten dienen wij thans uitvoeriger na te gaan. Maar eerst moeten wij het gebied en de methode der zedekunde nader aangeven.

De ethiek of zedekunde bestudeert de zedelijke verschijnselen, d. w. z. die verschijnselen, welke vatbaar zijn voor zedelijke beoordeeling. Zij beschouwt deze in hun onderling verband, en speurt de wetten na waardoor zij beheerscht worden. Zij behandelt de vraag, waarom de mensch een zedelijk oordeel velt en welken maatstaf hij daarbij aanlegt. Zij onderzoekt waarop de tegenstelling berust tusschen goed en kwaad, de onderscheiding van deugd en ondeugd; alsmede waarom de mensch de verplichting op zich voelt rusten het goede te doen en het kwade na te laten. Zoodoende is de ethiek opgebouwd uit een menigte verschillende problemen. Maar inzonderheid zijn het een tweetal punten die hier op den voorgrond treden, namelijk: 1°. de oorsprong en ontwikkeling der zedelijke gevoelens, 2°. het ontstaan en de vorming van het zedelijk oordeel.

Als wetenschap treedt de zedekunde zelf niet in beoordeelingen, zij bekommert zich slechts om een juiste vaststelling en verklaring van verschijnselen, niet om toepassingen of voorschriften. Met achterstelling