Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onderscheidt men een autonome en een heteronome ethiek.

Wat de heteronome moraalsystemen aangaat, deze dragen hetzij een godsdienstig, hetzij een polit iek karakter; d. i. de autoriteit, waarin zij de rechtvaardiging der moreele verplichting belichamen wordt gezocht óf in de kerk öf in den staat.

Als voorbeeld van een zedekunde die zich beroept op het staatsgezag, kan gelden de theorie van Hobbes. Volgens dezen hadden de menschen willekeurig, door onderlinge afspraak en overeenkomst, hun rechten en zedelijke verplichtingen vastgesteld en aan den absoluut gedachten Staat de bevoegdheid toegekend den burgers de richting van hun gedrag voor te schrijven. Oorspronkelijk heerschte er overal een „bellum omnium contra omnes", totdat men was gaan inzien dat men daarmede elkander slechts benadeelde, waarom men op grond van een stilzwijgend overeengekomen onderling verdrag in een staatsverband was getreden en aan den Staat als overheid het recht was gaan verleenen, den burgers zekere verplichtingen op te leggen. Want slechts door macht en geweld, door vrees en straf was de mensch als oorspronkelijk roofdier in bedwang te houden en voor een ordelijke samenleving geschikt te maken.

Als voorbeeld van een zedekunde die zich beroept op godsdienst en kerk, kunnen gelden al die moraalsystemen, welke zich grondvesten op goddelijke geboden, neergelegd in geïnspireerde heilige geschriften.

Sluiten