Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

al naargelang van den stand waartoe iemand behoort en van het beroep dat hij bekleedt.

Het meer biologisch gekleurd evolutionisme sluit zich 'iaan bij de zienswijze die het zedelijk leven in verband brengt met sympathische gevoelens. Het laat I die uitingen van emotioneele aanstekelijkheid, welke aanleiding geven tot altruïstische gedragingen, langzamerhand ontwikkeld zijn in den strijd om 't bestaan, en verder door selectie versterkt alsmede door overerving voortgeplant. Naarmate toch de dieren, die tot eenzelfde groep behoorden, zich meer sociaal betoonden, vermeerderden hunne kansen op levensbehoud en voortplanting. De altruïstische sociale gevoelens toch bleken van het hoogste nut voor de gemeenschap in den strijd tegen schadelijke invloeden en vijandige machten; en aangezien alzoo die zedelijke gevoelens zeer bevorderlijk waren voor het gemeenschappelijk welvaren, hadden juist zij de meeste kans van overerving en verdere ontwikkeling. Noodwendig dus moest de gewoonte van samenleving zekere gevoelens van sympathie en solidariteit in 't leven roepen, als onwillekeurig resultaat van het bezit van gemeenschappelijke belangen. De zedelijke gevoelens en ge'dragingen sproten voort uit sociale instinkten, die zich hoe langer hoe meer uitbreidden en die in des te meer gestalten zich vertoonden, naarmate 's menschen maatschappelijke samenleving een samengestelder karakter aannam en zijn geestelijke ontwikkeling een hooger peil bereikte.

Sluiten