Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een andere factor bij de aesthetische genieting is de illusie, waarop vooral Konrad Lange gewezen heeft. Üeze illusie treedt op als een bewust proces: het nabootsend karakter is al te zeer in 'toog springend, dan dat van een werkelijke verwisseling met de werkelijkheid zou kunnen sprake zijn; en ook al kon deze bereikt worden, dan zou daarmede het genot, zoowel van een spel als van een kunstwerk worden opgeheven. Verwant met die behoefte aan illusie is die aan een mogelijk spel der v e r b e e 1 d i n g s k r a c h t. Het aesthetisch genot van den aanschouwer en dat van den produceerenden kunstenaar zijn in wezen niet verschillend ; alleen beschikt de laatste door aanleg en oefening over het vermogen zijn aandoeningen in zinnelijk waarneembaren vorm uit te beelden en bezit hij daarmede een scheppingslust, die den eerste ontbreekt. Maar daarmede is nog niet gezegd, dat de aanschouwer een zuiver passieve rol speelt; integendeel, zijn geest neemt een actief aandeel in het totstandkomen der aandoeningen door zich niet uitsluitend receptief te gedragen maar zijn geheele voorstellings- en gedachtenwereld te doen ingrijpen. Het is juist hier, dat de overgang ligt van het onmiddellijk in het middellijk-associatief genieten, van het eenvoudig voelen in het aesthetisch beoordeelen, van het psychologische in het metaphysische.

Inderdaad, die a s s o ci a t ie-factor is in de aesthetica van den grootst mogelijken invloed en beteekenis; en vooral aan Fechner komt de eer der verdienste toe, hierop uitvoerig de aandacht te hebben gevestigd. De aesthe-

Sluiten