is toegevoegd aan uw favorieten.

Ontwerpen van aangiften voor het recht van successie en van overgang bij overlijden met aanteekeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij die voor het regt van successie geene aangifte gedaan of geene woonplaats gekozen hebben, worden geacht hunne woonplaats te hebben ter laatste woonplaats van den overledene, gedurende één jaar na het overlijden; na dien tijd, ter secretarie van de gemeente, waar de overledene zijne laatste woonplaats had.

Zij, die voor het bij art. 1 n°. 2 bedoelde regt van overgang geen aangifte gedaan of geene woonplaats gekozen hebben, worden geacht hunne woonplaats te hebben ter secretarie van de gemeente binnen welke de aangifte volgens art. 11 moet geschieden.

Van alle exploiten wordt slechts ééne kopij gelaten.

Art. 20.

De termijn van aangifte is zes maanden, te rekenen van den dag van het overlijden zoo dit binnen het Rijk in Europa; acht maanden zoo het in Europa buiten het Rijk; twaalf maanden zoo het in een ander werelddeel voorvalt. Voorts, in geval van vermoedelijk overlijden, zes maanden na de dagteekening der verklaring.

Indien zwangerschap oorzaak is, dat onzekerheid bestaat omtrent den persoon des erfgenaams of de heffing der belasting, gaat de termijn in van den dag der bevalling, of indien de vrouw vroeger mogt overlijden van den dag van haar overlijden, of indien geen van beiden op den driehonderdsten dag na den dood des erflaters mogt hebben plaats gehad, alsdan van den eersten daarop volgenden dag. Deze bepaling kan niet worden ingeroepen door dengene, op wiens erfdeel, wat de hoegrootheid betreft, de bevalling geen invloed kan uitoefenen.

Ingeval de nalatenschap volgens de wet als onbeheerd wordt beschouwd of indien ten gevolge van de vervulling eener voorwaarde, van verwerping of van

*) Verg. artt. 5 lid 1 en 18 der wet 1897.