is toegevoegd aan uw favorieten.

Ontwerpen van aangiften voor het recht van successie en van overgang bij overlijden met aanteekeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2°. alles wat door iemand in de regte nederdalende linie geërfd of verkregen wordt, wanneer het zuiver saldo daarvan, volgens de specifieke aangifte, geen duizend gulden te boven gaat;

3°. alles wat de langstlevende echtgenoot van den eerststervende, terwijl kind of kinderen uit hun huwelijk verwekt of afstammelingen van deze aanwezig zijn, erft of verkrijgt, wanneer het zuiver saldo daarvan, volgens de specifieke aangifte, geen duizend gulden te boven gaat;

•4°. een bedrag van ƒ 500 op hetgeen door iemand in de sub 2°. en 3°. bedoelde gevallen geërfd of verkregen wordt, wanneer het zuiver saldo daarvan, volgens de specifieke aangifte, meer dan ƒ 1000, doch niet meer dan / 1500 beloopt;

5°. al wat geërfd of verkregen wordt uit eene nalatenschap, waarvan het zuiver saldo volgens de specifieke aangifte geen / 300 te boven gaat;

6°. al wat in vruchtgebruik of bij wijze van periodieke uitkeering wordt geërfd of verkregen, zoo de verkrijger sterft vóór dat zijn genot zes maanden heeft geduurd. In geval van later overlijden wordt vrijstelling verleend voor dat gedeelte van het regt, hetwelk het voordeel door den verkrijger, blijkens daarvan overgelegde bewijzen genoten, te boven gaat;

7°. de waarde der onroerende zaken, over welke, in de overzeesche bezittingen van het Rijk, het regt van overgang wordt bewezen te zijn betaald geworden, doch alleen voor zoover die in het actief uitgetrokken waarde, naar evenredigheid, in het zuiver saldo is begrepen.

Ingeval het onder n°. 6 bedoelde overlijden plaats