Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

13. Zijn er meerdere executeuren in den boedel, dan kan de aangifte geschieden door dengene, die daarmede door den erflater is belast, (art. 1063 B. W.) Zijn zij benoemd „zoo te zamen als ieder afzonderlijk" dan is ook één hunner bevoegd. (S. v. E. blz. 220, noot 2, de Wilde § 399.)

14. Heeft een executeur aangifte gedaan en de naar die memorie verschuldigde rechten betaald, dan kan van hem, nadat zijn beheer geëindigd is, en hij deswege door de erfgenamen is gedechargeerd, nog nadere aangifte worden gevorderd van hetgeen hij te weinig heeft aangegeven, of kan tegen hem eene vordering overeenkomstig de artt. 37 en 38 der Successiewet worden ingesteld (arrest H. R. 10 Mei 1897 en S. v. E. n°. 119, P. W. 7208, 8196, 8334, 9587.)

15. Curators van onbeheerde nalatenschappen zijn gehouden tot al de bij de Successiewet aan erfgenamen opgelegde verplichtingen en behooren dus voor de aangifte van de door hen beheerde nalatenschappen zorg te dragen, (art. 7 Successiewet.)

16. Bewindvoerders, voogden en curators zijn gehouden om de aangiften te doen, waartoe degenen, die zij vertegenwoordigen, of wier belangen zij waarnemen, verplicht zijn.

Onder bewindvoerders zullen kunnen worden gerangschikt, die welke bedoeld zijn in de artt. 387, 495 en 519 B. W. en in art. 33 der wet van 27 April 1884. (Stbl. n°. 96.) (cf de Wilde § 409.)

"\ at men het woord ,,bewindvoerders'''' in ruimen zin op. dan vallen daaronder ook de personen die, overeenkomstig art. 221 der Faillissementswet, ingeval van surséance van betaling, worden benoemd, om met den schuldenaar diens zaken te beheeren, en zullen

Sluiten