Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

87

brengt echter de leer daarbij gehuldigd niet in praktijk, maar neemt memoriën, met kruisjes geteekend. aan. (P. W. 1245.)

Tegen memoriën, waaronder een naamstempel voorkomt in plaats van de onderteekening, zal het bestuur op grond van het vorenstaande wel evenmin bezwaar maken.

De rechtbank te 's Hertogenbosch besliste bij vonnis dd° 11 December 1888 (P. W. 7846), dat een volgens den wil van hem, wiens naam het geldt, afgedrukt fac-similé eener handteekening dezelfde beteekenis en kracht heeft als eene eigenhandig geschreven naamstelling.

25. Zij die niet kunnen onderteekenen, zullen door een ander aangifte kunnen laten doen, overeenkomstig art. 18 der Successiewet, krachtens eene schriftelijke — hier dus notarieele — volmacht of wel van de aangifte eene notarieele akte kunnen laten opmaken, waarvan dan een afschrift kan worden ingediend ten successiekantore. (Verg. n°. 17.)

26. De memoriën van aangifte zijn in art. 12 der zegelwet van 3 October 1843 (Staatsblad n°. 67) onderworpen aan zegelrecht naar de oppervlakte van het papier, met een minimum van 15 cent hoofdrecht.

Van zegelrecht zijn echter vrijgesteld bij art. 21A n°. 66 dier wet, die gedaan door aangevers die onvermogend zijn, mits van het onvermogen dier personen, door eene verklaring van het bestuur hunner woonplaats blijke, gelijk mede de negatieve aangiften, waaronder worden verstaan, al die memoriën welke geen aanleiding geven tot de heffing van eenige belasting, hetzij recht van successie, hetzij recht van overgang (P. W. 3737.)

Is eene aangifte volgens haren inhoud vrij van zegel en blijkt door verwerping van schulden recht schuldig

Sluiten