is toegevoegd aan uw favorieten.

Ontwerpen van aangiften voor het recht van successie en van overgang bij overlijden met aanteekeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

erflater dit niet als een krachtens overeenkomst of vergunning verkregen, voor overdracht vatbaar, recht bezat, doch er enkel sprake is van eene nering of cliëntèle. (P.W. 9363, 9695, 10101);

het collatierecht eener Vicarie. (P.W. 3419, 9479).

Hetzelfde zal het Bestuur zeker ook aannemen met betrekking tot de vergunning tot verkoop van sterken drank.

Ten aanzien van zaken als concessiën en octrooien x) voor uitvindingen, in het buitenland verleend, zal de vraag of zij voor de successie in aanmerking komen van de vervreemdbaarheid afhangen. (P.W. 9549)

Handels- en fabrieksmerken, die iemand met uitsluiting van anderen, mag plaatsen op zijne handelsof fabriekswaren, volgens de wet van 30 Sept. 1893 (Stbl. n°. 146), zijn volgens Sprenger van Eijk n°. 49. wegens den aard en de bedoeling van de bevoegdheid, op zichzelve niet voor overdracht vatbaar en blijven dus voor de successie buiten aanmerking 2).

Het auteursrecht, dat volgens art. 9 der wet van 28 Juni 1881 (Stbl. n°. 124), beschouwd wordt als eene roerende zaak, vatbaar voor geheele of gedeeltelijke overdracht, en overgaat bij erfopvolging, komt wel voor de successie in aanmerking. (Verg. uitvoerig over een en ander Sprenger van Eijk n°8 41—49).

Rechten, die bij den dood van den erflater eindigen, behooren uit den aard der zaak niet tot de nalatenschap.

Dit is b.v. het geval met de rechten van vruchtgebruik en gebruik en bewoning, (artt. 854 n°. 1 en 865 B.W.) lijfrenten, gevestigd op het lijf des erflaters (Verg. P.W. 5244) en met het recht van den bezwaarden erfgenaam of legataris bij een fidei-commis.

1) Deze zijn hier te lande afgeschaft bij de wet van 15 Juli 1869 (Stbl. no. 126).

2. Volgens den Hoogen Raad kan het recht om zoodanig merk te voeren eene geldswaarde vertegenwoordigen, (arrest dd° 17 Januari 1889 P. W. 7961).