Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van een polder, teneinde door het polderbestuur te worden belegd op het Grootboek der Nationale Schuld, om uit de interessen die lasten en kosten te vinden; deze stukken zijn óf onafscheidelijk verbonden aan het betrokken veenland, óf op zichzelf verhandelbaar en geven den houder recht op een aandeel in de tot betaling der lasten enz. bestemde waarborgsommen, doch kunnen noch in het eene noch in het andere geval gebracht worden onder de aan het recht van overgang onderworpen fondsen. (P.W7. 4726, 4727.)

Uitgelote effecten rangschikt het Bestuur der registratie ook onder de effecten, op grond, dat door die uitloting wel de termijn van aflossing wordt bepaald, doch de stukken daardoor hun karakter van effecten niet verliezen. (P.W. 7530.)

Dit werd evenwel niet aangenomen ten aanzien van een in een boedel aanwezig Theiss-lot, dat vóór het overlijden met een prijs van 100.000 florijnen was uitgeloot, omdat volgens het Bestuur toen bezwaarlijk kon worden volgehouden, dat het stuk door die uitloting niet van aard was veranderd en tijdens het overlijden nog behoorde tot de in de wet genoemde „aandeelen in geldleeningen". (P.W. 8848.)

(Voor de waardebepaling van lijfrenten en periodieke uitkeeringen vergelijke men blz. 131 en form. XI\ aant. (e).)

(ij) Onder tontines worden verstaan kanscontracten, waarbij eenige personen kapitalen in het gemeen brengen, waarvan de renten jaarlijks onder de nog levende deelhebbers worden verdeeld. De waarde daarvan wordt berekend evenals die van lijfrenten. Daar evenwel het jaarlijksch bedrag, dat aan ieder der deelhebbers toekomt, afhankelijk is van hun aantal en derhalve niet bekend is, bepaalt art. 23 litt. e, 3e lid der Successiewet, dat voor het jaarlijksch bedrag wordt gehouden dat van het laatste aan het jaar van

Sluiten