Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overlijden voorafgaande jaar, waaronder men niet het kalender- doch het boekjaar zal moeten verstaan, (de Wilde § 653.)

(z) „met toebehoor en".

daaronder valt alles, wat tot een schip of vaartuig behoort, onverschillig of het daarmede werktuigelijk is verbonden, dan wel of het, zonder zoodanige verbinding, niettemin daaraan dienstbaar is, waartoe zoowel hulp- als bijzaken behooren. (de Wilde § 660.)

(aa) Andere schuldvorderingen dan die onder B, D en H.

Hieronder behooren alle vorderingen van erflater, hetzij daarvan eene acte bestaat of niet. Zoo vallen daaronder b.v. de boekvorderingen van kooplieden enz., verschenen huren, pachten en dividenden.

Zijn de vorderingen rentegevend, dan behoort de aangifte daarvan specifiek te geschieden. De rentelooze schuldvorderingen moeten zoodanig worden omschreven, dat blijkt of zij gewone schuldvorderingen zijn dan wel aandeelen in geldleeningen of andere onder de publieke fondsen te rangschikken stukken. (P.W. 3417.)

Alle hierbedoelde vorderingen kunnen aangegeven worden naar de door aangevers te begrooten verkoopwaarde ten dage van het overlijden van erflater.

Ter bepaling van de verkoopwaarde daarvan zal rekening worden gehouden met de mindere gegoedheid van den schuldenaar, het onvoldoende van eene voor de vordering in pand gegeven zaak, hare late opeischbaarheid in verband met hare renteloosheid of lage rente. Ook zal moeten worden gelet op de omstandigheid, dat de schuldenaar erfgenaam of legataris is van erflater, daar in dat geval de schatting moet geschieden met het oog op de verandering, die des debiteurs vermogen daardoor op het oogenblik van het overlijden ondergaat, aangezien op dat tijdstip vaststaat, dat zijn vermogen met de geldelijke waarde van zijn erfdeel of legaat is vermeerderd en deze vermogensvermeerde-

Sluiten