is toegevoegd aan uw favorieten.

Ontwerpen van aangiften voor het recht van successie en van overgang bij overlijden met aanteekeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De gronden waarop de overtuiging des aangevers, dat eene schuld door opdracht of terugwijzing van den eed bewijsbaar is, berust, behoeven niet in de aangifte te worden vernield.

Als wettelijke bewijsmiddelen kunnen volgens het Bestuur der Registratie o. a. dienen:

a. koopmansboeken, b. v. van een commissionair of kassier, voor vorderingen ten laste van den overledene, voortgesproten uit speculatie of geldleening. (P.W. 3942, 5638, 7122.) ;

b. registers en huiselijke papieren, in de gevallen bedoeld in art. 1918 B.W. (P.W. 3691, 5254.) ;

c. voor vorderingen der vrouw op haren man, ter zake van niet meer aanwezige huwelijksaanbrengsten, waarvoor zij geene reprise heeft, ingeval zij b. v. zijn verkocht, de acte van huwelijksvoorwaarden in verband met de acten van verkoop. (P.W. 4728, 4941, 7425.) ;

d. voor het door den overledene verschuldigde wegens kost en inwoning, indien hij deze tot aan zijn dood genoot, eene tevoren opgemaakte notariëele akte, waarbij aan hem kwitantie werd verleend voor het door hem deswege over vroegere jaren betaalde. (P.W. 7903);

e. voor eene vordering van kinderen op hunne ouders wegens tijdens hunne minderjarigheid ontvangen en verbruikte inkomsten uit hun vermogen, het gevoerd voogdijbeheer en in verband daarmede de aangehouden rekening, wanneer niet reeds bij het overlijden der ouders het recht om rekening en verantwoording te vragen is verjaard. (P.W. 6430.) ;

/. voor uitgaven, door voogden en curators, ten behoeve hunner pupillen en onder curateele gestelden, de daarvoor afgegeven kwitantiën. (P.W. 2960). Het is echter volgens deze beslissing voldoende dat het voordeelig slot der rekening ten behoeve van den voogd of den curator ten dage van het overlijden in het