is toegevoegd aan uw favorieten.

Ontwerpen van aangiften voor het recht van successie en van overgang bij overlijden met aanteekeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(pp) De sommen besproken of uitgekeerd wegens kerkelijke diensten of godsdienstige plechtigheden, kunnen allen worden toegelaten, voorzooveel zij zijn verricht of gevierd tot en met het eerste jaargetijde, d. i. gedurende één jaar na den sterfdag, (circ. 878.)

Heeft de erflater aan een kerk of aan een geestelijke een legaat gemaakt onder den last om kerkelijke diensten enz. te verrichten, dan zal uit de memorie moeten blijken welk bedrag daarvan voor diensten tot en met het eerste jaargetijde is besteed. (Circ 878. P.W. 5636. 4048.) Verg. form. XIV, aanteek. (f.)

Zijn de voormelde sommen niet geëvenredigd aan den stand en het vermogen van den overledene, met inachtneming van het plaatselijk gebruik en de bijzondere omstandigheden, dan kunnen zij niet worden toegelaten. (P.W. 8959.)

Is meer besproken dan het toelaatbare, dan wordt dat meerdere beschouwd als legaat aan niet verwante personen, (art. '27 Successiewet.)

Zijn de begrafeniskosten, waaronder, volgens het 4e lid van art. 27 der Successiewet ook de daar genoemde kosten van uitvaart enz., binnen de daargestelde grens, zijn begrepen, bovenmatig, dan kunnen deze. al zouden zij ook werkelijk zijn uitgegeven of besteed, op de vordering van het Bestuur der registratie door den rechter worden verminderd en slechts voor het aldus verminderde bedrag in het passief worden toegelaten. (de Wilde § 711.)

Het Bestuur der registratie leert evenwel, dat in zoodanig geval alleen van de eigenlijke begrafeniskosten vermindering kan worden gevraagd. (P. W. 8959.)

(qq) Verwantschap en verkrijging.

In de memorie moet worden vermeld, wat door ieder wordt geërfd of verkregen, met opgave, van