is toegevoegd aan uw favorieten.

Ontwerpen van aangiften voor het recht van successie en van overgang bij overlijden met aanteekeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verklaren :

dat op den.... te, alwaar hij zijne laatste woonplaats had (of laatst gewoond hebbende te....) is overleden A...., tot eenige erfgenamen ingevolge de wet nalatende, zijne beide kinderen, de aangevers voornoemd, geboren uit zijn huwelijk met wijlen D.. .. ;

dat de erflater bij zijn testament verleden voor notaris. ..., ter standplaats.... den... ., aan zijne

huishoudster E , heeft gelegateerd al het door

hem na te laten meubilair, in onderstaand actief begrepen ter waarde van ƒ 800.—;

dat het zuiver saldo der nalatenschap bedraagt ƒ 1800.—, waarin de aangevers, na aftrek van het gemaakte legaat, ieder voor £ of / 500 gerechtigd zijn;

dat het actief der nalatenschap eene waarde vertegenwoordigt van / 2000.—;

dat de erflater geene onroerende goederen, effecten of rentegevende schuldvorderingen heeft nagelaten, door hem geene goederen als bezwaarde erfgenaam of in vruchtgebruik werden bezeten en door zijn overlijden geene periodieke uitkeeringen zijn vervallen, of bij opvolging overgegaan.

Geteekend te den

(Verg. formulier II.)

De aangevers leggen den volgenden eed (verklaring) af: „Ik zweer dat ik in gemoede vermeen voor den boedel van A...., alles, waarvoor recht van successie en van overgang verschuldigd is, oprechtelijk te hebben aangegeven."

„Zoo waarlijk helpe mij God Almachtig." (Dat verklaar ik).

(Verg. omtrent de beëediging, de aanteekeningen onder nos 37 tot en met 49 op bladz. 93 env.)

Bestond het legaat in een vruchtgebruik van de geheele nalatenschap of een evenredig deel daarvan, dan moesten zij den gewonen eed afleggen.