Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sofie mag dus gevoegelijk voor ons thema als inleiding dienen.

Omdat het woord in zoo menigvuldige beteekenis gebruikt wordt, zij opgemerkt, dat hier slechts van de zoogenaamde spekulatieve filosofie sprake is. Wij zien er hier van af het gezegde met talrijke citaten en opgaven van bronnen te bewijzen, omdat datgene, wat wij er van zeggen, zoo wereldkundig, zoo voor onwederlegbaar geldt, dat wij het geleerde bijwerk wel missen kunnen.

Leggen wij den reeds vermelden maatstaf van Kant aan, dan lijkt de spekulatieve filosofie meer een speelplaats van verschillende meeningen, dan een wetenschap. Haar celebriteiten, haar klassieke grootheden zijn niet eens eensgezind in het antwoord op de vraag: wat is, wat wil de filosofie? Daarom, om de verschillende meeningen daarover niet nog met onze bijzondere meening te vermeerderen, laten wij alles als filosofie gelden, wat zich zoo noemt, en zoeken wij uit deze rijke bibliotheek van diklijvige boekdeelen — zonder door het bijzondere of zonderlinge ons te laten in de war brengen — het gemeenschappelijke of algetneene.

Op dezen empirischen weg vinden wij dan vooreerst, dat de filosofie oorspronkelijk geen bijzondere aparte wetenschap is, naast of in gemeenschap met andere wetenschappen, dat zij veeleer soortnaam *van het weten in het algemeen, inbegrip van • alle weten is, evenals de kunst inbegrip der verschillende kunsten. Wie zich het weten, wie zich den hoofdarbeid tot wezenlijke bezigheid maakte — iedere denker zonder acht op den inhoud van zijn gedachten

was oorspronkelijk filosoof.

Zoodra toen bij de voortgaande verrijking van het menschelijke weten de aparte vakken zich van de mater sapientiae losmaakten, voornamelijk sedert het ontstaan der moderne natuurwetenschap, vindt men, dat de filosofie niet zoo zeer door haren inhoud als

wel door haren vorm gekenmerkt wordt. Alle andere wetenschappen

onderscheiden zich door hunne verschillende onderwerpen., de_filo^_ sofie daarentegen door haar eigen methode. Zij bezit ook wel een onderwerpt ëerT doeIT"zij wil hëT algeméene, de wereld als geheel, ^ den kosmos begrijpen. Maar het Ts niet dit onderwerp, niet het vogt=—, nemen, wat haar¥araktenseerï/imar dejuaiüec \yaarop^iX_het nastreeft. ,

Alle andere wetenschappen houden zich bezig met bijzondere dingen of onderwerpen, en wanneer ook met het heelal, met den kosmos, dan toch altijd slechts met betrekking op de bijzondere deelen of momenten, wayuit het heelal is samengesteld. Alexander von Humboldt zegt in de inleiding tot zijn „Kosmos", dat hij zich in dit werk tot een empirische beschouwing beperkt, tot de fysieke navorsching die door middel der menigvuldigheid de gelijksoortigheid

Sluiten