Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

apotheker is, geeft de schrijver het volgende afdoende voorbeeld : „Daar zijn [gevallen], dat een doktor 20 greinen Landanum opiatum voorschreef (die hoeveelheid is doodelijk) in plaats van 1 grein. Nu kan een apotheker zulks zien en dan den doctor waarschouwen. Maar als een doctor zijn eigen medicijnen levert, is zulks niét te zien, als bij de uitkomst, dat is, als het te laat is."

Zelfs in het begin van de 19e eeuw waren de apothekers nog zeer van de willekeur der geneeskundigen afhankelijk. De doctoren namen in den regel de recepten, die zij bij hunne patiënten voorschreven, mede naar huis en bezorgden die bij den aan hen ondergeschikten apotheker, die daarvoor een gedeelte van de ontvangen prijs aan hen uitkeerde. Het spreekt van zelf dat de apotheker, die gevoelde dat zijn bestaan van den medicus afhing, gemakkelijk in oogendienarij verviel en het niet licht waagde hem tot vijand te maken.

Deze gespannen verhouding en het gevoel van afhankelijkheid jegens de geneesheeren, heeft langen tijd de wetenschappelijke opleiding van de apothekers in ons vaderland in den weg gestaan.

Hun onderwijs werd geheel buiten de Universiteit gehouden, ook nog in een tijd toen de plantkunde en de scheikunde, de beide voornaamste hulpwetenschappen waarvan zij zich bedienden, reeds in een vergevorderd stadium van wetenschappelijken bloei verkeerden.

Tot in het laatst van de 18e eeuw was de apotheek zelve de eenige plaats, waar de vereischte kennis kon worden opgedaan. Bedenkt men dat toenmaals de kruidkunde nog het hoofdvak van hunne studie vormde, dan wordt deze buitensluiting wel het krachtigst

Sluiten