Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„leering is deze noodwendigheid eene innerlijke, me van nzelf spreekt, — want waar een recht bestaat, moet het „ook verwezenlijkt worden, — bij deze formuleering is „de noodwendigheid eene uitwendige, die, wat haren vorm „aangaat, enkel op stellige verordening steunt. Vervolgens, vat eersto-emelde wederom de bestanddeelen van het

7) ®

„feitelijke beloop samen in de eenheid van het begrip, „sluit dit beloop mitsdien innerlijk af, terwijl laatstge„melde, die bestanddeelen als een los, uiterlijk saamge„ voegd aggregaat naast elkander stelt. Dit verschil is „echter van het hoogste gewicht, — daaraan knoopt „zich een stuk romeinsche jurisprudentie. Wie een

recht" heeft aan te geven, moet over de natuur daarvan met zich zelf in het reine zijn, wie slechts feiten

1)

voor zich behoeft aan te voeren, kan daaraan zich „onttrekken."

Ik vraag: kan het verkeerder? Is het mogelijk de zaak meer op te offeren aan den vorm, dan hier geschiedt ? Geheel het materieele recht, zeggende: doe dit, laat dat, behandelt feiten en niets dan feiten, waaraan rechten geknoopt worden. Het richt zich tot scherpzinnigen en dommen, tot begaafden en achterlijken. Welk verschil ter wereld maakt het nu, of iemand, zijn recht verlangend, tot deze of gene categorie behoort, mits hij, hoe dan ook, den rechter duidelijk maakt, dat hij den norm van het doen nageleefd, en den norm van het laten in het oog gehouden heeft? Toch zegt Ihering: „De taal der actio

Sluiten