Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI.

Formeele waarheid.

Ten einde zoowel de lijdelijkheid van den rechter te vergoelijken, als om haar een indrukwekkend vernis te geven, heeft men daarvoor eene formule uitgedacht. Die formule heet: formeele waarheid. Het best stelt men de zaak zich voor, door te denken aan de keerzijde ééner medaille, althans zoo men min gewoon aan wijsgeerige opvatting: monistische eenzelvigheid niet duidelijk genoeg vindt. De lijdelijkheid dan is de buitenzyde van de zaak, wier binnenzijde de formeele waarheid is.

Maar wat is nu de formeele waarheid zelve ? Een voorbeeld stelt dit, op de kortste wijze, in het licht. Stel, ik ga, over Haarlem, naar den Haag, doch heb reden om dit laatste te verhelen, dan antwoord ik, op uwe vraag : ik was in Haarlem. Komt het geval later uit, en wordt mij verweten gelogen te hebben, dan kan ik, met het effenste gezicht, mijnerzijds vragen : was ik dan niet in Haarlem ?

Niets wreekt zich sterker, zekerder en dieper, in eene wetenschap, dan fouten van methode. Ons proces, onder romeinschrechtelijken en kanonieken druk verworden en ontaard, betuigt en verklaart enkel formeele waarheid te willen en te kunnen geven. Daarop beroemt het zich, in tegenstelling van het strafproces, dat materieele waarheid nastreeft. Ons proces erkent derhalve van zich zelf dat

lkvy, Procesvorm. 4

Sluiten