Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over liet mededoogen met den schuldenaar beloopt nagenoeg geheel de beschaafde wereld, die de gijzeling heeft afgeschaft. Alleen ons Vaderland, dat het menschonteerend instituut voortdurend in eere blijft houden, kan de eer zijner sympathie genieten.

De diepste grond van Iherino's misvatting schijnt mij hierin gelegen, dat hij Recht met Plicht op ééne lijn stelt, waaruit onmiddellijk volgt, dat het ongeoorloofd is van zijn recht afstand te doen. Deze hooge plaats nu kan ik aan Recht, noch in het gemoedsleven van het individu, noch in de maatschappelijke verhoudingen, toekennen. Nog steeds meen ik mijne Rechtsbeschouwing te mogen handhaven, die, in den vorm haar vroeger gegeven, luidt (1): Rechtsdoel en rechtswezen is uitsluitend onrecht te bevechten, te bedwingen, te breidelen. Tegen dien machtigen vijand wordt een leger vereischt, dat de menschheid onder de banier van het goede, het schoone, het ware bijeengebracht heeft. In de gelederen van dat leger doet Recht dienst. Als soldaat, niet als veldheer. Als volgeling, niet als opperhoofd. Als werktuig, niet als drijfkracht. Op den eigen oogenblik, dat alle onrecht heeft opgehouden, heeft alle Recht uitgediend.

Uit den aard van het Rechtsbegrip vloeit die bescheiden rol voort. En het is goed, noodig zelfs, dat die rol bescheiden zij. Rechtsheerschappij is noch mogelijk noch

(1) het Ideëele t. a. p. blz. 8.

Sluiten