Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eene instelling, voor de justitie zoo smadelijk, en voor ons nationaal bewustzijn zoo kwetsend, verdwijne hoe eer zoo liever. Hetgeen men tot haren steun zou willen aanvoeren : onpartijdige voorlichting, openbare orde, wat dies meer zij, is tegen één oogenblik nadenkens niet bestand. De rechter heeft op niets te leunen, dan op eigen rechtskennis en eigen geweten. Uit dit oogpunt staan alle zaken, aan zijne cognitie onderworpen, volmaakt op ééne lijn. Eene classificatie daarvan te beproeven d. w. z. van rechtswege een stempel van grootere of geringere belangrijkheid te willen invoeren, is kort en goed belachelijk.

VIII. De rechterlijke beraadslaging zij openbaar. Het

„geheim der raadkamer" is een zot atavisme, overblijfsel uit den tijd, toen „Geheimkriimerei" aan de orde van den dag was, thans: triste exilé sur une terre étrangère. Toen het „geheim" opgelegd werd, was men gewoon aan het toefluisteren van elkaar, omdat de maatschappelijke verdiepingen of verhoogingen (onze grillige taal bedoelt bet een, als zij het ander zegt) buitengewoon gehoorig waren.

Thokbecke heeft, in '48, daar orde op gesteld. Sedert, is, in onze democratische maatschappij, de gehoorigheid of onze gevoeligheid daarvoor verminderd. Wij spreken meer van ons af, (bij wijlen ook wel naar ons toe) en doen het overluid, opdat wij des te beter verstaan worden.

Te midden der openbaarheid van onze regeeringscolleges,

Sluiten