Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Sellin wenschte te onderzooken, of het geen dubbelen bodem had, geschikt om papieren te verbergen. Ik verzekerde hem, dat ik zulks niet wist, dat ik het te Weenen gekocht had, zonder te vermoeden, of het eene geheime lade bezat. Hij opende het koffertje en zocht naar de veer; een lichte druk en deze sprong los. Er was inderdaad een dubbele bodem in, doch de man der wet vond geen papieren. Andermaal verklaarde ik niets van deze geheime sluiting te weten. Sellin gaf een Russisch officier, die daar tegenwoordig was, kennis van de zaak, en deze scheen voldaan.

Toen de onderzoekingen geëindigd waren, moesten wij op een rapport wachten, dat ten behoeve der kanselarij werd opgesteld. Mijne kinderen waren alles behalve tevreden en rustig, en begonnen eindelijk wel wat lastig te worden. De arme kleinen hadden den ganschen dag nog niets te eten gehad. Het scheen, dat wij ons gehaast hadden om ons ongeluk tegemoet te loopen, want aan de voorlaatste halte hadden wij het maal geweigerd, dat reeds bereid was. Ik vroeg dan eenig voedsel voor mijne kinderen; mijne echtgenoote en ik dachten er niet aan iets te gebruiken. Sellin greep deze gelegenheid aan om ons te doen zien, dat hij niettegenstaande den zwaren plicht, welken hij te vervullen had, onze vriend was, want hij haastte zich onzen kleinen het beste voort te zetten, wat hij hun geven kon. Uit kieschheid noodigde hij mij zeiven niet tot het maal uit, want ik bemerkte aan zijn blik, dat hij volkomen begreep, hoe ik in zulke omstandigheden geen voedsel verlangde. Met genoegen staarde hij onze kleine onschuldigen aan, die vreemd aan het verdriet hunner ouders, zich het uitmuntend maal goed lieten smaken. Toen ik eenig schrijfgereedschap bemerkte, verzocht ik aan mijne oude moeder te schrijven, die ik ziek te Weimar had achtergelaten. Hij weigerde het mij. Tevergeefs stelde ik hem voor oogen, dat wellicht een overdreven bericht uit de nieuwsbladen haar grooten angst en kommer zou veroorzaken. Hij hernieuwde zijne weigering. Tevergeefs ook wilde ik hem verlof geven alles te lezen, wat ik schreef en mijn brief zelf te verzenden; hij bleef weigeren. Maar bij deze derde weigering zag ik duidelijk, hoe het hem smartte mij het gevraagde niet te kunnen toestaan. Ik drong niet verder aan en deed hem op mijne beurt begrij-

Sluiten