Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XII.

Mijn eerste onderhoud met den Czaar.

3n Oden October ontving ik voor de eerste maal het bevel mij onverwijld naar Gatchina te begeven. De da£r becfon aan te breken: de haast van den koerier.

die des nachts gekomen was, en er op aandrong vóór dag en dauw te vertrekken, waren voor mij weer redenen tot ongerustheid. Ik dacht, dat het eene belangrijke zaak zou gelden en verliet mijne echtgenoote al bevende, doch kwam er met den schrik vrij. Terstond na mijne aankomst vernam ik, dat er sprake was van een ontwerp, waarover de keizer daags te voren gesproken had: hij wilde een censuur hebben over de theaterstukken en mij er mede belasten.

Ik kende al te wel deze moeilijke bediening, om er in toe te stemmen die te aanvaarden. Ik voorzag, dat er vroeg of laat eene klip zou komen, tegen welke mijn zwak vaartuig zou geworpen worden en het verbrijzelen zou. Ik vroeg dientengevolge, dat men de keuze op een anderen censor zou laten vallen en drukte voornamelijk op deze beweegreden, dat het mij onmogelijk was als censor voor mijne eigen werken op te treden. Zou ik niet blind zijn voor eigen gebreken en aldus slecht de bevelen des keizers vervullen? Bovendien zocht ik te bewijzen, dat men verkeerd handelde een dramatischen censor te zoeken onder schrijvers. Het duurde lang, eer ik een antwoord ontving en eenige hoop had te zullen slagen. Men bleef er op aandringen, dat ik de bediening zou aanvaarden. Eindelijk schonk men mij gehoor en men wees den raadsheer

Sluiten