Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geluimd wegzond, omdat zij volgens 's Keizers verlangen geen gunstig rapport uitbrachten, besloten zij eindelijk te verklaren, dat er geen bezwaar meer was om het paleis te gaan bewonen. Dadelijk begaf er Paul I zich heen, en verbleef er in het midden van den winter.

Zijn grootste vermaak was iederen bezoeker te laten bewonderen de marmeren en bronzen standbeelden, die hij te Rome en te Parijs had aangekocht en die ontzaggelijke sommen aan transport hadden gekost. Hij zelf bracht immer de bezoekers in alle deelen van het vorstelijk paleis rond. De uitbundige lof, dien de hovelingen en andere personen over dit kasteel uitspraken, maakte den keizer dwaas, zoodat het hem in den geest kwam een gedetailleerden catalogus van al de deelen van dit achtste wereldwonder uit te geven. Hij belastte mij met dien arbeid op een toon, die de grootste achting voor mijne talenten uitdrukte. „Ik verwacht, zeide hij mij, dat gij iets uit uwe pen laat vloeien, zoo voortreffelijk en buitengewoon als het paleis zelf. Zulke gunstige beoordeeling van mijne talenten brachten mij echter in verlegenheid en ik vreesde, dat ik de wenschen van den Czaar niet zou kunnen bevredigen. Ik gaf dus voor, dat ik niet zeer op de hoogte wras van dergelijken arbeid ; dadelijk liep hij naar zijne bibliotheek en haalde er: De Beschrijving van Berlijn en van Potsdam door Nicolai; hij stond het mij ten gebruik af en verzocht mij die van zijn paleis nog meer in bijzonderheden te laten af te dalen, indien het mogelijk was. Ik beloofde den vorst te doen wat ik konde, en vertrok.

Zoodra ik mij aan den arbeid wilde zetten, stond ik eensklaps stil bij gebrek aan de noodige kennissen om de beschrijving van een gebouw te leveren. Ik kon niet met juistheid spreken over de schoonheden der bouw-, beeldhouw- en schilderkunst; ik was daarom verplicht verlof te vragen aan mijn arbeid mannen van kunst te verbinden, die mij konden verklaren, wat voornamelijk de bekoorlijkheid der afmetingen, de regelmaat der vormen enz. uitmaakt. Dit verlof werd mij onmiddellijk zonder eenig voorbehoud geschonken. Ik stelde als medearbeider aan de oudheidkunde voor: den raadsheer van het hof Koelker, bewaarder van het kabinet der kostbare voorwerpen

Sluiten