Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

A. Topographie en Karteering.

Litteratuur. De Raet, Reize; Hagen, Reise; dez. Rapport;

Brenner; van Dijk, Baloengoen; Kroesen, Reis T. Kassau; dez., Rapport; dez., Nota; Westenb., Verslag; Simon, „Tolé"; Mededeel. Panei en Raja.

Kaarten. Behalve de reeds in dezelfde rubriek onder I.

Karo opgegeven kaarten, die alle ook voor een grooter of kleiner gedeelte op dit gebied betrekking hebben, mag hier nog vermeld worden: de kaart 1 bij Brenner, Die unabhangigen Batakl. (1: 250.000); de kaartjes bij de verschillende artikelen zijn meest vluchtige schetskaarten. Deze komen later, voor zoover noodig nog in het overzicht ter sprake. Mijn indruk is, dat ze nog zeer gebrekkig en onvolledig zijn.

Overzicht der gegevens.

(Ook hier geldt de opmerking bij Karo gemaakt).

Tevens is het hier de geschikste plaats voor de opgaaf van wat ik onder Timoer (Simëloengoen) versta. Het is de landstreek tusschen de Zuid-Oostelijke Karolanden en de bovenlanden van Asahan, en omvat dus de rijkjes Poerba e. a. Raja, üolok, Panei, Siantar, Tanah Djawa, Bandar en Tandjoeng Kasau.

Het Noordelijk bekken van het Tobameer

en de naaste omgeving: Poerba, Kinalang, Nagori enz.

Brenner. blz. 90—91; blz. 149; blz. 151; Hagen. Rapport, blz. 358 correctie en aanvulling van zijn vroegere kaart (Peterm. Mitth. 1883); ligging van Kinalang. (Eens voor al zij hier medegedeeld dat ik de juiste schrijfwijze bezig. Hagen, als zoovele onzer oostelijke naburen, is telkens met de mediae en tenues in de war!)

blz. 365—369 reis van Kinalang langs de Si Pinggan, Boenga Sapang, Poerba Tongah (zeer vreemd! waarschijnlijk Poerba Toewa) en Poerba, verder naar den Dolok Pareara. Voor het

Sluiten