Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Handel en Industrie.

Markten (Onan).

komen, zoo ook koeien, paarden, geiten en varkens. Bij de karbouwen alleen kan men eenigszins van teelt spreken.

Van Dijk, Habinsaran, blz. 502; dez. Uitwatering blz. 642; Van den Bor, Rapp.; blz. 394; Meerwaldt, Aant. blz. 37—38; Van Hasselt, Pottenbakkerij, blz. 1—3 (met zeer fraaie platen!)

Meerwaldt, Pidari, blz, 40—44.

(Voor de waarde van al het hier genoemde als middel van bestaan is kenschetsend liet begin van Pohligs referaat, dat hier moge volgen. „...Was hat unser volk für Erwerbsquellen ? Eigentlich gar keine. Ilir habt doch auf Sumatra Viehzucht, Ackerbau, Kaffee, Guttapercha etc.; sind das denn keine Erwerbsquellen? wird man antworten. Sehen wir uns diese Erwerbsquellen darauf an, ob sie wirklich solche sind....)

E. Anthropologie.

Litteratuur. Brenner; Meerwaldt, Aanteekeningen.

Overzicht der gegevens.

Lichamelijke Brenner, blz. 170—171, vermeldingen bestrij— eigenschappen. djng van jUNGHUHNS opvatting, die de Bataks een „Arischen Descendenz" toeschrijft; beschrijving van lichaamsbouw, haar, oogen enz.; blz. 181. Anthropol. opname van een meisje van Samosir; blz. 183—187 van drie mannen; blz. 189, Dr. Hagens opgaven; blz. 191, over de „smalle neuzen" bij velen op Zuid-Samosir en in Silindoeng; welke invloed is hier in het spel?

Geestelijke De uitlatingen van verschillende schrijvers daar-

eigenschappen. over ]00pen n0g a| ujj eer]j ZOodat Dr. DE

Hollander spreekt van „zonderlinge tegenstrij-

Sluiten