Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

v. Ophuysen, Raadsels; dez. Poezië (zeer belangrijk ook uit taalkundig oogpunt); zie

andere mededeelingen in rubriek G. Zeden en Gewoonten.

Heyting blz. 242, over rijst, sirih, tabak en bange (eetbare aarde); over dit laatste: Faber, Geophagie, blz. 310—312; Ris, blz. 465; o.a. weinig gebruik van palmwijn; Willer, blz. 301-304.

Heyting, blz. 317—318, iets over tijdrekening, namen der maanden, enz.; zoo ook Ris, blz. 533, 't uitvoerigst is Willer, die een geheel hoofdstuk heeft gewijd aan „wetenschappelijke beschaving," blz. 389—424; wat geschiedenis betreft, zie men rubriek L. Verhouding enz. tot buurvolken. Hier komen vooral in aanmerking de mededeelingen over schrift, taal- en letterkunde (zie ook rubriek J.); geneeskunde (verhaal omtrent den oorsprong, voorbeeld van een „recept", opgave van verschillende ziekten en de daartegen aangewende middelen, syphilis, vergiftiging, moedwillige abortus); tijdrekening; hemelstreken; mededeelingen omtrent poestaha en den inhoud daarvan; sterrenwichelarij.

G. Zeden en Gewoonten.

Opmerking. Behalve dat ik ook hier naar de opmerking in de afd. Karo betreffende deze rubriek verwijs, moet ik hier constateeren, dat mijne kennis van dit onderwerp, waar het de Karo-Bataks betreft, mij dikwijls heeft geholpen bij de beoordeeling van de waarde der mededeelingen. Bij controleering door Prof. v. Ophuysen bleek toch (en dit geldt metéén en in nog grooter mate voor de rubriek adatrecht!), dat, waar ik in verband met Karo'sche gewoonten enz. twijfelde aan de juistheid der mededeeling, die twijfel bijna zonder uitzondering gerechtvaardigd was. Dit feit is daarom

Spijzen en genotmiddelen.

„Wetenschap.'

Sluiten