Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daartoe zal ik geven de krachten, die ik heb; daartoe zal ik ook bij voortduring een beroep moeten doen op Uwe voorlichting, Uwe kennis, Uwen vriendschappelijken steun niet het minst. De welwillendheid, die ik tot nu toe reeds van U mocht ondervinden, is mij een waarborg, dat mijn beroep niet vruchteloos zal zijn.

Een laatste woord tot U, Studenten in de Rechtswetenschap.

Schrik bevangt mij, als ik de lijst der studievakken bezie, welke ik in Uw midden voortaan zal hebben te doceeren. In dat alles reeds dadelijk Uw leidsman te zijn, ik zal het niet kunnen; weest overtuigd, dat, waar ik het niet kan, in ieder geval gij in mij zult vinden een hulpvaardig begeleider. Ik weet, dat de studie in de rechtswetenschap aan Uwe krachten hooge eischen stelt; dat de toenemende rechtsontwikkeling, niet het minst in het publieke recht, steeds ruimere voorbereiding vergt van ieder, die, in welke betrekking ook, het recht zal hebben te vertolken en toe te passen. Ik weet ook, welke gevaren de zelfstandigheid der studie in de rechtsgeleerde faculteit bedreigen. Is alleen de toenemende omvang der materie ervan de oorzaak, of is ook de geest in de studentenwereld een andere geworden dan hij eertijds was? Ik waag niet, het te beslissen; maar weest ervan overtuigd, dat ik al mijne krachten eraan zal geven, den ouden, gezonden geest van zelfstandigheid in het denken en onderzoeken in U te behouden en op te wekken. Werkt daarin met mij mede; alleen een krachtig willen Uwerzijds, een onverpoosd oproeien

Sluiten