is toegevoegd aan uw favorieten.

Het vasten bij Israël

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoenmiddel voor bedreven zonde, 's Volks vasten staat op één lijn met brand- en nieeloffer. Terwijl de laatste de gewone dagelijksclie middelen zijn om de betrekking tusschen volk en godheid te onderhouden, behoort vasten tot de buitengewone godsdienstige handelingen en heeft hier de strekking Jahwe's toorn te stillen en aan de langdurige droogte een einde te maken. Daar dit vasten parallel loopt met brand- en nieeloffer. en deze als natuurlijke gave aan de godheid worden aangeboden, is ook onthouding van voedsel op zich zelf in hun oog een toereikend middel Jahwe gunstig te stemmen. Dat het vasten voor de massa niet is een teeken van ootmoedige onderwerping, maar op zich zelf volstrekte waarde heeft, blijkt uit het oordeel van Jeremia over hunne houding. Door geen der profeten wordt de cultus volstrekt veroordeeld, ook niet door Jeremia. Maar daar zij vóór alles den nadruk leggen op de volbrenging van Jahwe's zedelijke geboden, terwijl het volk overwegende waarde toekent aan den cultus, klinken hunne uitspraken vaak als een veroordeeling van allen cultus. Offerande en zoo ook vasten kan voor Jeremia slechts in tweeden aanleg waarde hebben gehad. Offers en vasten kunnen eerst dan Jahwe welgevallig zijn, wanneer zij teekenen zijn van de ware onderwerping aan Jahwe's wil, d. i. de vervulling zijner zedelijke geboden. Hier in Jer. 14 :12 ligt een keerpunt in de beteekenis van het vasten. Was in het oog van het volk, dat de oudere opvatting nog aanhangt, honger lijden op zich zelf voor Jahwe nog van wezenlijke waarde, de prediking der profeten van de 8ste en 7de eeuw heeft tot resultaat, dat vasten in de naaste toekomst slechts waarde heeft als teeken van aanhankelijkheid aan Jahwe's geboden.

Jer. 81) : <5, 9, waar in 't 5de jaar van Jojakim, in de 9de maand, het gansche volk te Jerusalem en allen, die uit de steden van Juda waren gekomen, voor Jahwe een vasten