Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TroiijTxi vy/iTTeïiTxi), zoolang de bruidegom bij ben is? Maar er zullen dagen komen, dat de bruidegom van hen is weggenomen en dan zullen zij vasten. Doch niemand zet een stuk van een ongevolden lap op een oud kleed, want het ingezette stuk trekt iets af van het kleed en er ontstaat een erger scheur. Ook doet men geen jongen wijn in oude zakken; anders barsten de zakken, en de wijn vloeit weg, en de zakken gaan verloren. Maar men doet jongen wijn in nieuwe zakken, en beide blijven bewaard." De verhouding van Joliannes en Jezus, alsmede van hunne prediking in het algemeen, gaan wij voorbij. Even weinig doet hier ter zake, of en in hoeverre het antwoord van Jezus aan de Joliannesleerlingen van hem zelven afkomstig is dan wel of het uit lateren tijd dagteekent. liet komt er voor ons doel niet op aan, wat woord van Jezus is, maar welke de geest van het eerste Christendom is ten aanzien van het vasten. Te dien einde moeten wij de uitspraken nemen, zooals zij ons geboden worden en de gedachte laten varen, dat Jezus zelf spreekt of denkbeelden hem eigen worden gegeven.

Het kan niet bevreemden, dat gelijk de Farizeën de Johannesleerlingen vasten. Johannes was gekomen noch etende, noch drinkende. Matth. 11 : 18. En hoezeer wegbereider van den Christus, behoorde hij toch met de zijnen tot de oude bedeeling.

De Zoon des menschen daarentegen is gekomen etende en drinkende, Matth. 11 : 19. Zoolang hij, de bruidegom, in hun midden is, zullen de leerlingen niet vasten. Wanneer hij evenwel zal zijn heengegaan, dan zullen zij vasten'). Dit is duide-

') Beschouwt men de pericope in behandeling op zich zelf, dan geldt de in den tekst gestelde uitleg. Het is evenwel niet onmogelijk, dat men de verzekering van Jezus, dat de leerlingen na zijn heengaan zullen vasten, in verband heeft te denken met Petrus-evang. vs. 27, waar de leerlingen na den kruisdood d. i. den 13Jen Nisan 's avonds tot 14 Nisan 's avonds vasten en treuren en weenen (svyrTeuopev.... ttsvSoSvrsi. . . . xAa/ovrcs); vg. blz. 264, waar over het vasten vóór Pesach.

Sluiten