Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. In de 2do plaats viel telkens oi> Mn.mrln,,

dag de regenvasten. Iluewel officieel volgens R. Meïr het bidden om regen voor het wintergewas den 3den. volgens R. Jehuda den "den Marcheschwan moest beginnen, werd toch reeds in de gebeden op het Loofhuttenfeest van den herfstregen melding gemaakt, terwijl bij zeer ongunstigen stand van het gewas ten gevolge van een droogen waterarmen wintertijd de gebeden, om regen'van den hemel af te smeeken, tot laat in Nisan werden opgezonden, M. Taan. 1 : 1—3. Maar het vasten om regen had zoo noodig alleen plaats in de maanden Marcheschwan en Kisleu. Naar eenstemmig oordeel beginnen de regenvasten op den lTden Marcheschwan. „Wanneer dan nog geen regen gevallen is, beginnen enkelen drie1) vasten te houden. Zij eten en drinken, zoodra de duisternis invalt, terwijl werken, zich wasschen, zich zalven, schoenen dragen, alsmede de bijslaap geoorloofd zijn," M. Taan. 1:4. Die enkelen (p-rrvn) [dat zijn de vromen. T. Taan. 1 : 7: vg. Taan. 10b] vasten dus slechts gedurende den dag, terwijl voorts hun' gewone leefwijze nog geen veranderingen ondergaat. Gelijk aanstonds zal blijken, worden met de „drie vasten" door hen te houden de Maandag de Donderdag en de volgende Maandag bedoeld. Anders wordt het reeds, wanneer intusschen de geheele maand Marcheschwan geen regen brengt. „Is het 1 Kisleu geworden, en is nog altijd de regen niet neergedaald, dan verordent het gerechtshof drie gemeente vasten." Ook deze vasten duurt telkens nog slechts van 's morgens tot 's avonds, terwijl evenmin werken, enz. verboden is, M. Taan. 1 : 5. Zij verschilt van de voorafgaande slechts hierin, dat niet „enkelen", maar de gemeente, d. i. allen vasten. Zijn ook deze drie vastdagen gepasseerd, zonder dat de zoozeer gewensclite regen is gevallen. dan verordent het gerechtshof andermaal drie ge-

V In de Mischna van den Jer. Talmud ontbreekt ,.diïe."

17

Sluiten