Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

archief direct of indirect gemaakt, — zijne bemoeiingen met andere archieven, - en voorstellen doen in 't belang van 't archief (art. 17).

^ Bij ^ ministerieele beschikking d. d. 4 Juli 1887 Litt. A afd. K. W. werd vastgesteld eene Instructie voor de commiezenchartermeesters, klerken en beambten (de concierges daaronder niet begrepen) bij 's rijks archieven in de provinciën, welke instructie op 12 September 1899 eene kleine wijziging onderging in verband met den nieuwen rang der adjunct-commiezen.

De instructie van 1879 is niet de eenige norm, waarnaar de archivaris zich thans heeft te gedragen; in verloop van tijd zijn meerdere voorschriften omtrent verschillende zaken gevolgd.

Het koninklijk besluit d. d. 8 Maart 1879 (Stbl. N°. 40) voorzag in den ongewenschten toestand, dat „de oude regterlijke „archieven, welke dagteekenen van vóór de invoering der „Fransche wetgeving" verdeeld waren over „onderscheiden „regterlijke collegiën en . . . hypotheekbewaarders." Bedoelde archieven zouden worden overgebracht „naar de bewaarplaats „der rijksarchieven te 's Gravenhage of naar het archiefdepöt, „gevestigd in de hoofdplaats der onderscheiden provinciën, en „onder bewaring gesteld worden van den archivaris des rijks of „van de provinciale archivarissen" (art. 1). Later werd ook 't depót der rijksarchieven van 't voormalig Overkwartier van Gelderland te Roermond aangewezen tot opneming der oude rechterlijke archieven J); na 't besluit tot opheffing van genoemd depot en overbrenging zijner archieven naar Maastricht werd Roermond van de lijst der opnemende depots geschrapt2). Ook de titels wijzigden zich (juister) in algemeenen archivaris des rijks en rijksarchivarissen in de provinciën. Art. 2 machtigde den minister van binnenlandsche zaken, op door hem te stellen voorwaarden 3), aan gemeenten, die een eigen archivaris en doelmatige archieflocalen hebben, hunne eigen rechterlijke archieven

') Koninklijk besluit dd. 9 October 1883 S.B. N°. 141.

2) Koninklijk besluit d d. 19 Augustus 1895 S.B. N°. 150.

8) Deze voorwaarden werden vastgesteld bij ministerieele beschikking d.d. 29 Mei 1879. 8

Sluiten