Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en in afzonderlijke inventarissen te beschrijven. Zij waren dan ook meer een adject tot de staten-archieven, en kunnen minder bepaald als een specifiek onderdeel ervan beschouwd worden.

Doch ook de staten-archieven zelf genoten, zooals ik reeds opmerkte, eene onderverdeeling. Uit het hierboven gegeven overzicht van de geschiedenis der inventarisatie herinneren wij ons de rubrieken:

1. Privileges. — De rubriek spreekt duidelijk voor zich zelf. Overal werden de voorrechtsbrieven afzonderlijk, en waarschijnlijk beter, bewaard dan de overige archivalia. Overal ontmoet men naast die acten, waarbij rechten werden geschonken, enkele andere stukken, die van „groote importantie" waren. Zoo ook hier. Nadere toelichting schijnt overbodig

2. Limieten. — Drente heeft van oudsher naar 't schijnt moeilijkheden gehad met zijne naburen over de vraag, waar de juiste grens liep tusschen beider grondgebied. Ik wees er reeds op, dat deze moeilijkheden uitgelokt werden door de aanwezigheid der venen aan bijna alle zijden van 't Drentsche territoir, omdat in de venen het aanbrengen van zichtbare grensteekenen reeds moeilijk was doch deze daarenboven in 't veen wellicht zullen zijn verzonken. Waar nu 't grondgebied een der essentieele bestanddeelen is van een staat, kan 't ons niet verwonderen, dat, afgescheiden van andere, financieele, belangen, meer dan eens geschil ontstond, wanneer de eene buur meende, dat de andere zijn gebied zich toeëigende. En evenmin, dat de landschapssecretaris de stukken over de grensscheiding afzonderlijk bewaarde en dat men zelfs in later tijd een afzonderlijke „kast van limietscheiding" ter secretarie vond. Ook de stukken betreffende geschillen tusschen Drentsche marken onderling over hare grenzen werden in de limietkast bewaard; terwijl een enkel stuk of dossier daarin werd aangetroffen, dat wel betreft de verhouding van Drente of hare ingezetenen tot eene naburige provincie of staat of van de ingezetenen daarvan tot Drente, doch waarbij niet de loop der grens het onderwerp is. Bezwaar om deze stukken, vroeger bij die betreffende limietscheidingen gevoegd, daar te laten scheen niet te bestaan, wanneer men slechts werd gewezen op hunne aanwezigheid.

3. Liquidatie met de generaliteit. — De opgaven, die wij hier-

7

Sluiten