Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedeputeerde Roeloff van Echten, waarbij de laatste op zich neemt de door hem voor Drente gekochte sluis aan de Zwartesluis op eigen kosten te vernieuwen togen het recht van tolheffing van de schepen, die de sluis passeeren. 6 October 1620.

1 stuk.

13-14. Stukken betreffende het verrichte door Drente's bebestuur tot oplossing van het geschil tusschen de Meppeler schippers en de eigenaars der nieuwe sluis te Zwartsluis over de heffing van sluisgeld. 1623/27.

1 dossier.

NB. Hierbij afschriften van stukken d.d. 1621 en 1622 betreffende den bouw der nieuwe sluis en van overeenkomsten tusschen de gemeene schippers van Meppel en den rentmeester te Vollenhove omtrent de betaling van turftol aan de Zwarte-sluis over 1607 en 1608.

1345. „ Vyant, aengaende die domainen ende den torfftoll." — Geapostilieerd verzoekschrift, met bijlagen, van Drost en Gedeputeerden aan den Raad van State, om zijne medewerking tot het doen opgeven door de Spaansche ambtenaren van hunne aanspraken op het heffen van tol aan de Zwarte-sluis. 1625.

1 dossier.

NB. In 1576 a 1580 was voor het Hof te Brussel aanhangig een proces tusschen de schippers van Meppel en Joh ah van Hattüm, rentmeester te Vollenhove „an 's coninx syden", over diens recht tot het heffen van turftol aan de Zwarte-sluis. De drost van Drente Eüert van Ensse verleende hierbij voor de schippers zijne tusschenkomst.

In 1593 werden door 's konings rentmeester van Hattdm eenige Meppeler schippers in arrest genomen ter verzekering van de betaling van gelden, hem toekomende wegens den turftol aan de Zwarte-sluis. Drente verzocht invrijheidstelling der schippers onder aanbieding van borgstelling. Tot 1622 schijnt toen een ernstige behandeling der questie te hebben gerust. In dat jaar eischte de rentmeester te Vollenhove van Drente eene som van ƒ100.000, voortvloeiende uit het in 1576 a 1580 gevoerd proces. Drente beklaagde zich hierover bij de Staten-Generaal, door wie, op advies van den Raad van State, werd besloten, dat, wanneer de vijand zijn eisch zou doorzetten, zy een gelijke pretensie op 'svijands kwartieren zouden doen gelden.

Bij missive d.d. 3 December 1624 drongen van Eqmondt en

Sluiten