Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mandeur van Coevorden, 1677/83 (I. 992).

Deninge, Claes —, 1476 (R. 89*).

Depraille, majoor, 1706 (I. 403).

Dijckmans (Dijckmani, Mr. G. (Gerrit) —, 1640(1. 1311), 1641 (I. 215 noot).

Dike, Egbert ten —, schulte van (Roswinkel?), 1498 (R. 94).

Doys, Mr. Gerlich —, 's konings raad in Overijsel, Drente en Lingen 1558, overleden 156! (R. 124).

Dompselaer, H. van —, predikant te Roswinkel, 1751/3 (I. 360).

Dongen, Rutger van —, kapitein, 1698 (I. 1230 noot).

Dons, onder-inspecteur van de (beschreven en onbeschreven ?) middelen, 1808 (I. 1588 noot).

Donu, predikant te Diever, 1600 a 1793 (I. 354).

Doruberg (Drotiberg) Heiden tot ther Borcli (ter Borg), jhr. F. O. vau 1772 (I. 1792 noot), 1795 (I. 8f 5).

Dortmundt, Johannes —, eigenerjde van Drente, 1613 (I. 1052 noot).

Doublet (Doubleth), Johan—, oudontvanyer-generaal der unie, 1634? (I. 440, 539); overleden 1667/9 (I. 443);

—, Philips —, ontvanger-generaal der unie, 1598 — 1609 (1.1820); — ontvanger-generaal der unie, 1629/40 (I. 486); — Mr. P. D. ontvanger-generaal der unie, 1667 a '70 (I. 444).

Dronberg, zie op Dornberg.

Dudan, officier, 1682 (I. 474).

Dulraan, jhr. van —, overleden, 1666 (I. 953);

—, Harmen van —, agent van Drente in 's Gravenhage, 1614 a '16 (sic) (I. 68 noot).

Dulman (Dulraans), Jan —, overleden, 1626? (I. 657). Dulraenhorat, zie op Delmerhorst. Dumoulin, directeur-generaal der genie, 1786 (I. 985 noot).

Ebbijnghe (Ebbinge), Johan , keurnoot te Peise, 1563 (R. 127); —,olde Johan —, 1563 (t.z.pl.). Echten, vau —, 1637 (I. 540), 1660 (1.216), 1694 (I. SU noot)-, —, van —, kolonel, 1726/7 (1.527);

brigadier 1727/30 (1. 428 noot)-, —, zie ook van Echten tot Echten; H. van —, ritmeester, 1660/7 (I. 517 noot), 1663/9 (I. 517); —, Johan (Jan) van —, 1651/9 (I. 242); heer van Echten, 1650 (I. 650, 772), 1658/61 (I 748), 1660 (1. 760 noot), voor 1662(1. 750);overleden 1661 (I. 762 noot); —, Nic. (Niclaes, jhr. Nicolaes) van —, 1606 (I. 962 noot b), 1607 (Inl. blz. XIV); overleden 1614 (lui. blz. XIII);

Echten (tot Echten), vau —, drost

van Drente, 1707 (I. 773); —i (jhf) Roeloff (Roelof Roleff, Rolof) van —, 1616 (I. 378 noot, 1053 noot); gedeputeerde van Drente, 1620 (1.1343), 1620 a '23 (I. 1054 noot) ponder titel, 1623 (I. 483), 1624 (I. 1800 noot), 1626 (I. 742, 743), 1629 (I. 83 noot)-, drost van Drente, 1642 (I 398); otwleden, 1643 (I. 709 noot)-, — heer van Echten, 1677/80 (I. 750), 1680/1 (1. 751), — 1765(1.

Sluiten