is toegevoegd aan uw favorieten.

De bronnen van Carel van Mander voor "Het leven der doorluchtighe Nederlandtsche en Hoogduytsche schilders"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Hemelvaert Mariae." „Ten huyse van Jofvrouw van

Honthorst / dicht achter den Dom."

Gegraveerd door La Fargue in 3 bladen, met onderschrift: ,Anth. v. Montfoort, aliter dictus Blocklandt, pinxit An" 1579 - Altitud. Tab 11V12 Ped- Latitud. 11 ped. Rhen. P. C. La Fargue dilineavit et vere incidit, jussu et impensis J. S. van Reenen Hagensis. Tabulae plus seculi dimiduo

Possessoris. An° 1759-" °P de deuren hetzelfde °Pschriftbehalve de maten.

Een groot altaarstuk met deuren, voorstellend een „Kerstnacht en yet anders / van buyten Marien bootschap.'

„Cruycinghe Christi." Op de Doelen te Dordrecht. * „Badende Barsabea." „Ten huyse van Pieter Huyghessen, op een boven-camer" te Leiden. Aangehaald als „litteycken voor syn seer aerdige wijse van dootverwen.

„Met meer naeckte Vrouwen."

„S. Catharina." Te Utrecht gemaakt voor 's Hertogenbosch. Apostelen op den Pingsterdagh." „In S. Geertruyden kerck te Wtrecht."

„Op de deuren des Heeren Hemelvaert en derghelijcke Historiën." Beide laatste, Utrechtsche, stukken onzeker beschreven. „S. Franciscus." Te Amsterdam, „welc verging in de beeldstormingen."

i) Waar kan dit stuk zijn gebleven, dat Kramm nog in 1818 te 's Gravenhage zag (Dl. IV p. 1144-45) en opgeeft „11 vt. 7 dra. bi] 11 voet Rijnl." te zijn, zoodat men het huis moest uitbreken om het in 1688 er in en in 1820 er uit te krijgen. De schilderij was waarschijnlijk in het bezit van Paulus Potter en kwam door het tweede huwelijk van zijn weduwe aan de familie van Reenen. In 1 20 wer hel met de verzameling van Reenen in veiling gebracht, doch vond geen kooper (zie T. v. Westrheene Wz„ Paulus Potter bldz. 78). Toen bleef het nog lang op den stal van den Heer van Reenen te Amsterdam staan. — Men zie verder G. J. Gonnet: Briefwisseling ts. de Gebr. van der Goes (1659—1673) Dl. I bldz. XXIII seqq. (1899) — Cf. Hymans I p. 404, n. 1.