Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aeldinge in 't kerspel Dalen af te mogen koopen en hij daarom 't erf en den gebruiker uit 't leenverband ontslaat.

Actum Oldenhave, den 5 November 1687.

Minute (Inv. N°. 57), op papier.

25. 1697, October 2.

Jan Kisteman en Lucas Egberts leenmannen oorkonden, dat Frans Caspar Adriaen graaf van Schellard tot Obbendorf, keer van Runen, Bellinckhaven en Grimptin, enz. enz. enz. en Margrieta Geertruit Maria van Bernsauw, erfdochter der heerlijkheid Runen en Bellinckhaven, e.1. machtigden Philip Eernst Meijsters, om namens hen van jufler Tengnagel te Campen naar leenrecht bekrachtiging te verzoeken hunner testamentaire beschikking over 't erf te Exeloe in 't kerspel Odoren. Met bezegeling door Frens Luichjens voor L E., medebezegeling door den heer en de vrouw van Ruinen en haren momber, en onderteekening door leenmannen en deze 3 personen,

Actum op den huise Oldenhave, den tweden October 1697.

Oorspr. (Inv. N°. 58) op papier; met 5 opgedrukte zegels in rood lak naast 5 handteekeningen.

26. 1697, October 11.

william de derde, koning van Q-root-Britanien, Vranckrijck en Irlant etc., erfstadhouder, bekrachtigt de testamentaire beschikking van Frans Caspar Adriaen graaf van Schellart tot Obbendorff, heer van Ruijnen, Bellinghaeven etc., en Margareta Gertruid Maria van Bernzauw e.1. ten opzichte van de heerlijkheid en 't gerecht Ruinen, Budinge-, Haackswolt, het huis te Oldenhaven en andere aan genoemde provincie leenroerige goederen.

Met vermelding als leenmannen van Herman Otto Rippekda en Ernst Brandt.

Actum Stuvelaer, den elfden Octob. 1697.

Afschrift (d.d. 1704?) (Inv. N°. 8) op papier, gewaarmerkt door Conrad Engelhardt „gerechtschriver" in Haffen und Mehr. Het oorspronkelijk stuk was geteekend : „mij present G. Nilant sec.'* en bezegeld met „het segel van de leenen deser provintie."

27. 1697, October 19.

Hermen Otto Gansnet (sic) genaamd Tengnagel tot den Bon-

Sluiten