Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

900 reel als personnel, toecommende ende competerende den gasthuysse biuueu deser stadt Middelburch in Zeelant. Gecoiicipiëert by Jacques (Jlaessen van Regelbeuoge , Lieten Adriaknssen ende Pietek Lombaekt, jegenwoordich gasthuysmeesters, die tsamen overdragen hebben dese moyte ende arbeyt binnen bennen tijt aen te nemen omme by henne nacommers met minder moyte alsoo te mogen worden gecontinueert ende des gasthuys incommen daerbv in goede ordre gehouden mogen worden. Begonst in den jaere ons Heeren Jesu Christy duyscnt seshondert ende viere op den eersten Octobris". — De legaten en schenkingen, aan het gesticht gedaan, loopen van af 1565 tot 1632. Bij de bezittingen van het huis is aanteekening gedaan (onvolledig) van desbetreffende eigendomsbewijzen. — De bladen zijn genummerd I tot ICXCV1II, waarna nog vele onbeschreven bladen volgen. Folio's I tot VII verso bevatten: „Oude coustumen ende gebrucken", nieuwe ordonnantiën, reglementen en instructiën (zie nr. 18), op folio ICLXXVI vlg. afschrift van een contract tnsschen gasthuismeesters en Pieteknelle Hiïssen , weduwe van Niclaes Pietekssen, betreffende de bewaring eener som van 650 pond VI9.; op folio ICLXXX verso vlg. een inventaris van de goederen, die het gasthuis geërfd heeft van Jan Matens, en eene lijst der kwade schulden ran dat sterfhuis.

416. 1681—1714.

N.B. Op den band staat: „Register van alle de bekende preëininentiën en coustumen, midtsgaders van alle de effecten respectivelijck concernerende en competerende den gasthuyse binnen der stadt Middelburch in Zeelandt, gemaect a°. 1680 et 1681". Legaten en schenkingen komen in dit deel dus niet voor; sedert 1669 zijn deze geboekt in de Kleine leggerboekeu (urs: 421 tot 426). Voorin op ongenummerde bladen eene kaart in 6 stukken van de landerijen in Walcheren, het gasthuis toekomende, geteekeud door den landmeter Cornklis Loele; onder den titel van deze kaart staat: „Nota. Alle de landen, die naer het maekeu van dft liggerboeck door de regenten van den gasthuyse sijn vercocht, ben bekent hierachter fol°. 104, twelck hier dient tot memorie". Achter de kaart volgt eene opdracht van dit deel aan burgemeesters, schepenen en raad der stad en eene dito aan alle aankomende regenten. — De bladen zijn genummerd 1 tot 137, waarna nog vele onbeschreven bladen volgen. Folio's I tot XXVII bevatten oude costumeo, reglementen en instructiën (zie nr. 19), op folio LXXX Preëminentiën het gasthuis van ouds competeerende, op folio LXXX1 vlg. Expectativen van erfenissen, op folio XCIX vlg. een inventaris van akkoorden en rekesten betreffende financiëeie zaken 1624 tot 1700, uitgezonderd nr. 12, dat betrekking heeft op diensten van gasthuismeesters bij de burgerwacht, en nr. 17, dat betrekking heeft op den dienst van gasthuismeesters bij de diakonie. — In dit deel zijn de eigendomsbewijzen in afzonderlijke hoofdstukken vermeld; van deze laatste is van achteren een register.

416. Alphabetische index op het register vermeld onder nr. 414 (onvolledig).

1 deel.

417. Inventaris van alle de goederen, zoo roerende als onroerende, het gasthuis toebehoorende. 1730.

1 deel.

N.B. Hierin ook de goederen, afkomstig van Jan Matens, en de eigendommen van de Kleine Armschool. — Inventarissen van meubelen en andere roerende goederen komen ook voor onder nr. 35 en in pakket C nrs. 82, 83 en 228 (nrs. 6—8 van dezen Inv.).

Sluiten