Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar hoe komt het. dat datzelfde woord zoo waar in Schaepman, toch niet waar schijnt in alle anderen ? Of kent gij geen mannen, die in hun openbaar leven overal en altijd klaar staan met eene openbare belijdenis van hun geloof en toch juist om die openbare belijdenis niet dien invloed op de daden van anderen hebben, die zonder die openbare belijdenis zeker toch hun deel zou zijn?

Hoe is met de kennis van dit feit toch te rijmen het andere feit, voor eenige dagen door den gewijden redenaar terecht herinnerd, dat door de openbare belijdenis van zijn geloof Mgr. Schaepman niet verlaagd was in de oogen van hen die niet denken zooals wij?

Het antwoord op die vragen behoef ik niet te geven. Er is er een die daarop geantwoord heeft; en die eene is niemand minder dan het hoofd der Kerkprovincie in Nederland, de Aartsbisschop van Utrecht, de opvolger van St. Willibrord. En hoe?

Toen Mgr. de Aartsbisschop voor eenige dagen in zijn groot Seminarie „Rijsenburg", te midden zijner professoren en zijner priesters van den komenden tijd en de afgevaardigden der Staten-Generaal en bloedverwanten en vrienden van den grooten Doode stond bij de Katafalk ter eere van den overleden Protonotarius opgericht, sprak hij tot allen dit woord van vermaning: „Hij heeft gestreden zijn leven lang, trouw en eerlijk. Brande in u hetzelfde vuur van ijver, om te strijden voor Kerk en Vaderland, maar doe het dan ook op zijne wijze, dat wil zeggen : trouw en eerlijk."

In deze twee laatste woorden ligt de verklaring. Dr. Schaepman was trouw in den strijd. Waar tijd of plaats hem dwong tot strijden, daar stond hij klaar, gewapend van top tot teen. Daar zag hij niet, wat arbeid hem nog verder wachtte, noch wat zorg voor gezondheid van hem vroeg. Lust tot rust had hij in zoodanige ure nooit. Het was genoeg voor hem, dat hij door het Geloof verwacht werd in den strijd, om te komen in het strijdperk, altijd en overal.

Maar als de kracht van zijn strijdbijl niet gevraagd werd door het Geloof, trok hij nooit het harnas aan, noch balde hij zijn gepantserde vuist om niet.

Als anderen hem opriepen tot den strijd en om aan dien oproep kracht te geven, door den bazuin van het Geloof dien

Sluiten