Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

genomen) geeft ons de eerstgenoemde Ripperdaborg te Winsum in 1622 te zien, eene teekening in het h. s. Schoemaker, waaronder (blijkbaar foutief), „Ripperda in Fivelingo", wijst op lateren toestand.

RUSTHOVEN.

Een kwartier ten zuidoosten van Wirdum, ten noorden van het Damsterdiep, naast Ekenstein.

De echt i8de eeuwsche naam van dit buitengoed doet zeker niet aan een oude borg of heerd denken. Dit is Rusthoven dan ook allerminst en zeker zoude het niet in deze lijst van Ommelander borgen zijn opgenomen, ware het niet, dat in de i8de eeuw zelve Rusthoven als borg werd aangeduid. Zoo in een koopbrief van 8 Augustus 1695, waarin compareert de Groninger „burgemeester Joan Eeck, heer op Rusthoven", zoo in den keerskoopsbrief van 13 Januari 1734, waarbij „de borg en plaetse Rusthoven genaemt . . . als bij mevr. de wed. Canter wordt bewoont", uit den boedel van den raadsheer Schaffer wordt verkocht aan den heer Aldringa van Wirdum. De Aldringa s waren met Rusthoven niet onbekend. In 1720, blijkens een acte van 2 Maart, woonde er C. M. de Lairesse, weduwe van den Staat-Generaal Allert Aldringa. Nog noemt zich in 1761 Wigbold Gerhard Aldringa van Wirdum heer van Rusthoven. Eenige jaren later, o. a, in 1767, woonde er de bekende oudheidkundige en rechtsgeleerde Mr. D. F. J. van Halsema, die er in 1784 overleed.

Het huis Rusthoven, thans een tichelwerk, bestaat nog in nagenoeg den ouden vorm.

RUTHEN (de).

Ten westen van Slochteren aan de Slochteree, op eenigen

Sluiten