Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der Nederlandsche Gereformeerde kerk de bepaling in kwestie en noemt de artikelen. Het baat u niet. „Citeeren, zegt Dr. K., van een paar bepalingen zonder verband met de beginselen doet niets af."

Het spijt mij, dat mijne bewering, dat het besluit van 24 Mei geen rechtsgevolgen kan hebben, aan de aandacht van Dr. K. schijnt ontsnapt te zijn. Als een leeraar, na de formulieren onderteekend te hebben, ontrouw wordt, kan de Ainsterdamsche kerkeraad, in rechten, daar niets aan doen. Dat houd ik vol. Ten minste in een kerk die niet Congregrationalistisch maar Presbyteriaansch Gereformeerd is. Van de mindere vergadering beroept de beklaagde zich op de meerdere. De K. O. art. 31. En daar er geen bepalingen bestaan in de vigeerende reglementen der Ned. Herv. kerk, die ook de Amsterdamsche kerkeraad gehoorzamen moet, welke voorschrijven onderteekening van de Formulieren van eenheid, is het boven allen twijfel verheven, dat het Classicaal Bestuur en Synode zulk een leeraar zal vrijspreken en den kerkeraad in het ongelijk stellen.

Tot mijn leedwezen moet ik afbreken. De brief wordt anders te lang.

(J Juli 1883.

Waarde Vriend!

Eene belangrijke gebeurtenis, die zeer kenmerkend is voor onze tegenwoordigen politieken toestand, had dezer dagen plaats. In het hartje van het zeer ouderwetsche en zeer conservatieve Zuid-Holland, in het Kiesdistrict Delft, werd, met behulp der Calvinisten of antirevolutionairen, een Roomsch Katholiek tot volksvertegenwoordiger gekozen.

Deze gebeurtenis heeft, in heel het land, veel beweging veroorzaakt. Gij kunt denken hoe galachtig de liberalen, vooral onder den invloed van het warme zomerweder, van deze gebeurtenis zijn. Ook zijn er afgescheiden antirevolutionairen die harde woorden tegen hunne broederen spreken, vanwege deze zaak.

Het is ook geen kleinigheid. Wie had, nog in de dagen van Thorbecke en Groen, zoo iets mogelijks geacht!

Sluiten