is toegevoegd aan uw favorieten.

Gods kinderen van Ur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mag geen veldslagen zoeken, maar alleen gevechten vermijden. De weg dwars door de worstelende Philistijnen en hun omgeving, hoewel onloochenbaar de kortste, over Gaza, kan dus niet worden begaan door dezen stoet. Ja ook zelfs de weg van Bëeersjêbang kan niet op de gewone wijze vandaar Noordwaarts worden genomen, maar moet om de genoemde redenen veel meer Oostelijk gaan. Zoo nadert de droeve tocht dan meer het grensgebied van de Doode Zee en komt ten laatste aan het veer der Jordaan bij een der vele Abil, Abila of Abel, genoemde plaatsen, wier naam „weide" beteekent, en zoo haar geschiktheid voor een verblijf van deze groote menigte openbaart. Abel-Mitzraïm noemen Kanaaniet en Hebreeër deze plaats (misschien reeds in aansluiting aan een herinnering van vroeger Egyptisch bezit) als de „Weide van Egypte". En wanneer na in deze „Weide van Egypte" de zevendaagsche rouwpleclitigheid wordt gehouden, waartoe niet het dichtbevolkte land der Chabiri (Hebron), maar wel de minder dicht bezette .Tordaanoever zoo uitnemend geschikt is, dan zien de Kanaaniten en andere inwoners dezes lands, die rouwplechtigheden der tweede begrafenis; en het gerucht gaat rond, dat hier een zware, eengants merkwaardige rouw door de Egyptenaren wordt bedreven. En dan herhaalt zich de geschiedenis van Bëeersjêbang en andere plaatsen. De liefde tot woordspelingen verandert Abil = weide in Abel = rouw. Wie voortaan den naam dier plaats als Abel-Mitzraïm in den mond nemen, gaan de oude beteekenis „weide van Egypte" uit het oog verliezen, om er alleen den nieuwen zin aan te hechten van „ Egypte's rouw ".

Hierna volvoeren de Hebreeën de laatste wilsbeschikking huns vaders. Hij wordt bijgezet „ in de spelonk des akkers van Machpela, welke Abraham met den akker gekocht had tot eene erfbegrafenis, van Ephron den Hethiet,